Wat zijn de opties voor lege winkelpanden in Beuningen?

centrum-beuningen-vastgoed

BEUNINGEN, 7 september 2016 – Iedereen die het centrum van Beuningen bezoekt, ziet dat ook hier sprake is van winkelleegstand. Begin juni is van het Centraal Planbureau (CPB) een rapport verschenen met de titel ‘Winkelleegstand na de crisis’. In het rapport komt naar voren dat, ondanks een sterke daling van de winkelhuren in de grote recessie, er sprake is van toegenomen en deels blijvende winkelleegstand. De huren van nieuw gesloten contracten zijn na 2008 met ruim 20% gedaald in reactie op de afname van de consumptie van goederen en van de omzet van winkels. Voor sommige winkellocaties helpt een lagere huur echter niet: ze zijn onrendabel geworden voor de detailhandel bij ieder niveau van de huur.

Het bericht van het CPB was aanleiding om contact op te nemen met Luc Beumer, bedrijfsmakelaar die vanuit Nijmegen en een groot aantal plaatsen en dorpen eromheen bedient en daarnaast bestuurslid van het centrummanagement Beuningen is.

Luc Beumer bedrijfsmakelaar over leegstand

Luc: “Er is onderscheid tussen panden die leeg zijn en verhuurd moeten worden en panden die bezet zijn en verhuurd worden tegen een bepaalde prijs. In de eerste situatie heeft een eigenaar van een leegstaand pand in Beuningen de zorg om er een leuke goede ondernemer in te krijgen. De huurprijs die de ondernemer moet betalen voor het begintermijn is niet zo spannend, omdat het de verhuurder meer gaat om de kwaliteit en toekomstperspectief van de huurder.

De meeste verhuurders begrijpen dat ze flexibel om moeten gaan met de verhuur en de voorwaarden waaronder dit moet plaatsvinden. De verhuurders treden daardoor steeds meer (indirect) op als financier van een nieuwe huurder; de ondernemer moet investeren om het pand de juiste uitstraling te geven en vraagt de verhuurder om in het eerste jaar minder huur te betalen. De hoogte van de huur wordt zo afgestemd dat het bedrag in de loop van bijvoorbeeld een jaar of twee jaar groeit naar een niveau waar ze het beiden mee akkoord zijn.”

“In de tweede situatie is er sprake van een huurder die al in het pand zit en om wat voor achterliggende reden, de huurprijs te hoog vindt. Die verhuurder biedt dan minder flexibiliteit. Als die namelijk meegaat in het verhaal en hij heeft bijvoorbeeld nog twee andere panden, is het niet onterecht en te verwachten dat die andere huurders er ook over beginnen. Als het pand gefinancierd is, dan ziet de bank dat er minder inkomsten zijn en dat betekent dat het pand daarmee evenredig minder waard wordt. De bank kan dan twee dingen doen ten eerste aanvaarden dat er minder dekking is voor de lening en dat er bijgestort moet worden of dat het net kan maar dat hypotheekrente hoger wordt. De verhuurder is daarom minder geneigd om de huurder daarin tegemoet te komen omdat daar ongunstige gevolgen voor hem aan vast zitten.”

Overheidsingrijpen soms nodig

Het rapport van het CPB werd begeleid met een persbericht waarin gesteld werd dat ingrijpen van de lokale overheid nodig kan zijn. In het rapport wordt het voorbeeld gegeven om onrendabel winkelgebied op te heffen, waardoor een ander, meer levensvatbaar winkelgebied kan opbloeien. Als dat meer bezoekers krijgt, daalt daar de leegstand. De vastgoedmarkt zal de leegstand niet helemaal kunnen oplossen. Winkels profiteren van elkaars bezoekers, daarom clusteren ze graag samen. Maar leegstaande winkels hebben een negatieve invloed op de winkels ernaast en individuele pandeigenaren houden hier onvoldoende rekening mee. Gemeenten kunnen de clustering van winkels bevorderen via het ruimtelijkeordeningsbeleid, zoals bestemmingsplannen.

Luc: “In Beuningen zijn veel ‘winkelmeters’ in verhouding met het aantal inwoners, zeker ook gezien de krimpende markt. Met de verhuizing van de Vier Jaargetijden, het vertrek van lederwarenzaak Cargo wat al enige tijd geleden is en Hip en Tof die afgelopen week naar het oude pand van Christianne Lingerie is verhuisd, krijg je een gedeelte aan het Julianaplein waar niets zit. Met een gewijzigd beleid zouden er andere activiteiten kunnen komen zoals activiteiten voor ouderen of iets met kunst. Het blijft hoe dan ook lastig om te bedenken hoe reuring te houden in een leeg winkelgebied.”

“Het onttrekken van winkels aan het winkelgebied zoals in het rapport geschetst wordt zou misschien wel wenselijk zijn, maar is lastig zoniet onmogelijk om beleid op te voeren. De pandeigenaar zal er ook niet zomaar in meegaan omdat dit veel gevolgen heeft. Het is bovendien haast onmogelijk om van winkelruimte bijvoorbeeld woonruimte te maken. Je hebt alleen aan de voorkant daglicht en je hebt geen buitenruimte en dat zijn twee noodzaken voor woonruimte. Je kunt daarom bijna alleen aan alternatieve invulling denken zoals ruimten waar cursussen gegeven worden, dienstverlening of kantoorruimte. Met gebruik als kantoorruimte loop je tegen de Arbo aan omdat je een hoeveelheid lichtinval moet hebben. Het is daarom heel lastig om winkelmeters te verminderen.”

Volgende week: Blijft Beuningen een boodschappencentrum?

Bron: CPB – Winkelleegstand na de crisis

Lees meer berichten in de rubriek ONDERNEMERS

Beuningen Magazine is mede mogelijk door:
knop-pijl-blauw-naar-laatste-berichten